Vathorst. Wat ooit weiland was, is nu een vinexlocatie bij Amersfoort. De Brink is het centrale gebouw van de wijk. Het gebouw bestaat uit basisscholen, kinderopvang, peuterspeelzalen, buitenschoolse opvang, sportzalen, een café en een jongerencentrum. In deze zogenaamde brede school ontmoeten de bewoners elkaar. Brede scholen worden de laatste jaren in Nederland veelvuldig neergezet. Architect Marjon Mors en stedenbouwkundige Gijs van den Boomen over het concept achter de brede school en de gevolgen ervan voor architectuur en stedenbouw.

Vathorst is geen stad, maar ook geen dorp. ‘Mijn vrouw noemt het een “storp”’, zegt buurtbewoner accountmanager Bloem. Op een van de oranje zitjes in De Brink leest hij de krant. Hij zit hier graag. ‘Ideaal.’ Zo omschrijft de heer Bloem de situatie op de eerste Amersfoortse Brede Combinatieschool, kortweg ABC.
Zijn dochter krijgt les op De Vuurvogel, een school waar het volgens hem goed toeven is. Hij kijkt om zich heen in het centrale gedeelte en concludeert: ‘De mogelijkheden van tegenwoordig hadden we vroeger niet. Dit is toch een schitterend gebouw?’
De opdracht en het ontwerp
‘ Ontmoetingen tussen de verschillende functies krijgen gestalte in het centrale gebouw'
De Brink oogt inderdaad prachtig. Architect Marjon Mors van SVP Architectuur & Stedenbouw is verantwoordelijk voor het ontwerp van het centrale gebouw. Zij zegt: ‘De Brink Cluster was een van de eerste brede scholen die we moesten ontwerpen. Wij vonden het heel erg belangrijk dat de ontmoeting tussen de verschillende functies gestalte kreeg in het centrale gebouw. Het middengebouw is 24 uur per dag open. Overdag is het een kinderwereld en ’s avonds is het van de grote mensen. In feite was het dus een schizofrene opdracht. Maar die is goed gelukt. Zelf kom ik er ook regelmatig. We hebben op het dakterras zelfs het twintigjarig bestaan van ons bureau gevierd.’
Toch is er volgens Mors vanuit pedagogische hoek ook kritiek op het fenomeen brede school. ‘Je kind is de hele dag op dezelfde plek. Na schooltijd schuiven ze twintig meter op en belanden ze in de kinderopvang. De plek blijft hetzelfde. De belevingswereld van het kind neemt daardoor af. Ik kan me wel vinden in die kritiek. De Brink omvat vijf scholen, een kinderdagverblijf, een sportcentrum en een wijkcentrum. Daar gebeurt alles.’
De brede school als concept
Eind jaren negentig was het nog iets nieuws: de brede school. Inmiddels heeft het concept een hoge vlucht genomen. Bijna iedere grote stad heeft zijn brede school. Sterker: de laatste jaren verrijst de brede school ook in middelgrote en kleine gemeenten. Bijna de helft van de plaatsen met minder dan vijftigduizend inwoners is bezig met de ontwikkeling van zo’n school.
Gemakkelijk is het niet. Veel gemeenten worstelen met de voorbereiding. Met name de financiering is een probleem. Wat is een brede school? Grof gezegd is het een instelling die alle organisaties huisvest die zich bezighouden met de ontwikkeling van een kind in de leeftijd van nul tot twaalf jaar. In de verzamelgebouwen waarin vaak meerdere basisscholen zijn gevestigd, bevinden zich lokalen die de scholen gemeenschappelijk gebruiken, zoals het computerlokaal. Dat bespaart kosten.
‘In Zweden en Scandinavië is het concept al veel verder ontwikkeld. Dat zijn echt voorbeeldlanden als het om de brede school gaat’
Een geslaagd voorbeeldproject
Rien Geerts is hoofd van basisschool Tangram – een katholieke daltonschool – in Nesselande in Rotterdam. Zijn school is sinds kort gevestigd in een brede school.
‘Op ons complex vind je 34 schoollokalen, zes kinderdagverblijven, drie peuterspeelzalen, vier organisaties voor buitenschoolse opvang, 25 seniorenwoningen en een aantal woningen voor geestelijk gehandicapte kinderen. En dat bevalt prima. We werken samen met een stichting voor geestelijk gehandicapten. Die verzorgen bij ons de catering. Na schooltijd hebben de senioren een opa- en omafunctie. Zij vinden het heerlijk om iets met kinderen te doen. Grootschalig? Ik kijk uit op een parkachtig landschap met bomen.
Ons gebouw heeft een U-vorm met een plein in het midden. Wij noemen het ons dorpsplein: het is er een veilige en prettige kinderwereld. En voor ouders is het ideaal – twintig passen lopen en je zit bij de kinderopvang. Ze zijn hier in de buurt bezig met een nog groter complex. Dat wordt drie keer zo groot. Als het klaar is, verhuist onze school daar naartoe. Ik heb de kleinschalige schooltjes nog meegemaakt. We zagen de ontwikkeling tijdig aankomen. In Zweden en Scandinavië is het concept al veel verder ontwikkeld. Dat zijn echt voorbeeldlanden als het om de brede school gaat.’
Gijs van den Boomen is stedenbouwkundige bij bureau Wissing in Barendrecht. Zij hebben veel ervaring met brede scholen. Van den Boomen: ‘Een brede school is een soort centrum van een kleine wijk. Vaak zijn er in wijken tot tweeduizend inwoners verder geen voorzieningen gepland. Sociaal, cultureel en stedenbouwkundig moet een brede school in het hart van de samenleving staan.’
De verkeerssituatie is vaak een probleem. ‘Het gebouw moet ideaal gelegen zijn om het met de fiets halen en brengen van de kinderen of het naar school lopen mogelijk te maken’, verduidelijkt Van den Boomen. ‘Dat vraagt om heel duidelijke verkeerssituaties rondom die scholen. Eigenlijk moeten auto’s er niet harder mogen rijden dan stapvoets. De brede school biedt een mengelmoes aan activiteiten. Je moet de schoolfunctie combineren met een wijk-, woon- en sportfunctie en dat stelt specifieke eisen aan het gebouw. Ouderen vinden het vaak erg prettig om in zo’n gebouw te wonen.
|
|
De combinatie met woningen is mogelijk, maar dan moeten de woningen zo ontworpen zijn, dat geen overlast ontstaat. Kinderen dragen bij aan de levendigheid van een wijk. Het zijn vaak grote complexen waarin twee of meerdere scholen bij elkaar zijn geplaatst. Een gebouw wordt vaak gedurende de hele dag gebruikt en moet dus een prettige, maar ook diverse uitstraling hebben waarin alle gebruikers zich op hun gemak voelen.’
Nieuwe mogelijkheden voor de buurt
‘ Tijdens het carnaval heet het hier Zwalmdonk. Dan staat de hele buurt op z’n kop en dan bruist het hier echt’
Terug naar Amersfoort. Het loopt tegen het eind van de middag. Bij het kinderdagverblijf is het een komen en gaan van ouders die hun kinderen ophalen. Ze zijn zeer te spreken over de brede school en de mogelijkheden die het gebouw biedt.
Een moeder met een rode coltrui knuffelt haar dochter en zegt: ‘Ik heb helemaal niet het idee dat ik mijn kinderen naar een kinderfabriek breng. Dit is een groot gebouw, maar van binnen is het kleinschalig en knus. Ik zie grote voordelen. Tijdens de kinderboekenweek kwam iemand op het idee om een grote boekenwurm door het gebouw te laten kruipen. Zoiets was op zo’n klein schooltje toch onmogelijk geweest? Hier is ruimte voor frisse ideeën.’
Een andere moeder bemoeit zich met het gesprek. Ze zegt: ‘Mijn man en ik zijn hier komen wonen vanwege de kinderen. We heb ben jaren in het centrum van Amersfoort gewoond en Vathorst was even wennen. Maar we merken dat door De Brink de gemeenschapszin groeit. We zijn een soort dorp aan het worden. Tijdens het carnaval heet het hier Zwalmdonk. Dan staat de hele buurt op z’n kop en dan bruist het hier echt.’
De mevrouw in de coltrui vindt het jammer dat het geen zomer is. ‘Dan krijg je echt een andere indruk. Je kunt het dakterras afhuren als je met de club een feestje wilt vieren. Zelfs het vlees voor de barbecue kun je laten verzorgen door de horecavoorziening. Vorig jaar hebben we met de buurtjes een kostelijke avond gehad. En het leuke was: de volgende dag zagen we elkaar weer in De Brink bij het naar school brengen van de kinderen. Want dat is wel zo: iedereen heeft hier kinderen.’
Thema: Vinex, uitleglocaties, Programma
Uit NAW #20 - voorjaar 2006 - pagina 32-37
Auteur Marcel van Roosmalen
Beeld Don Wijns



