Een meerderheid van de Eerste Kamer heeft op 16 maart ingestemd met de Crisis- en Herstelwet, ondanks de val van het kabinet. De wet zal waarschijnlijk op 1 april in werking treden. Dat is goed nieuws voor iedereen die betrokken is bij gebiedsontwikkeling, zegt Friso de Zeeuw, directeur Nieuwe Markten bij Bouwfonds Ontwikkeling.

De Crisis- en Herstelwet moet ervoor zorgen dat infra- en bouwprojecten sneller van start gaan, waarmee werkgelegenheid in de bouwsector blijft behouden. 'Maar de wet biedt daarnaast mooie kansen om ervaring op te doen met nieuwe instrumenten in het ruimtelijk bestuursrecht,' stelt Friso de Zeeuw. 'Het zijn instrumenten die besluitvorming vlotter kunnen laten verlopen, de proceskosten drukken, de plankwaliteit verbeteren en het politiek bestuur meer armslag kunnen geven dan nu. Daarvan kunnen ook gebiedsontwikkelaars profiteren.'

 

Zo bevat de wet een projectuitvoeringsbesluit voor (woning-)bouwplannen. Dat is een soort procedurele snelkookpan waarin verschillende vergunningen worden samengesmolten. Beroep tegen dit besluit is alleen mogelijk bij de Raad van State, die binnen zes maanden uitspraak moet doen. Ander interessant onderdeel: ontwikkelingsgebieden. Die maken het mogelijk om bij functieverandering in bepaalde stedelijke gebieden de milieuruimte te herverdelen en tijdelijk van milieunormen af te wijken. De Zeeuw: 'Denk bijvoorbeeld van de transformatie van een haventerrein in een gemengd aantrekkelijk woon-werkgebied. Voordeel is dat je niet hoeft te wachten tot het laatste bedrijf dat milieuoverlast geeft uit het gebied is vertrokken.' Hij noemt nog een pluspunt: 'De Crisis- en Herstelwet ontdoet het bestaande projectbesluit (de oude artikel 19-procedure) uit de Wro van de malle verplichting tot onmiddellijke herziening van het bestemmingsplan. Veel mensen op de werkvloer snakken naar deze revival van de artikel 19-procedure.'Voor grote stedelijke en regionale projecten bevat de wet een coördinatieregeling die de aansturing van zo'n project tussen de overheden onderling disciplineert. Ook dat is bepaald geen luxe, aldus de Zeeuw. Dat de Crisis- en Herstelwet binnen een jaar is opgesteld en door het parlement geloodst, noemt hij een kunststukje. 'De eerste schets werd pas voorjaar 2009 op papier gezet.'

 

De wet bevat niet alleen verschillende nuttige versnellings- en vernieuwingsmaatregelen. Er is veel meer aan de hand: 'De wet vormt een opmaat tot de hoogstnoodzakelijke, fundamentele vernieuwing van het omgevingsrecht. Dat is zo ingewikkeld geworden, dat de meeste aandacht bij gebiedsontwikkeling nu vaak uitgaat naar het ongeschonden halen van de procedurele eindstreep. We moeten het institutionele monster temmen!'En dat is geen pleidooi van de asfalt-en betonlobby, zoals wel wordt beweerd. De Zeeuw: 'Het is een pleidooi voor het dimmen van de enorme proceskosten, voor meer transparante besluitvorming met participatie van belanghebbenden in plaats van ruziënde overheden. En plankwaliteit komt weer meer centraal te staan, in plaats van dat ene sectorale regeltje, of die ene overgebleven bezwaarmaker.'