Een stadspark kan op de tekentafel nog zo mooi ontworpen zijn, uiteindelijk ontleent het zijn waarde aan de waardering van de mensen die er gebruik van maken. Daarom brengt NAW gebruikers in beeld van drie stadsparken in heel uiteenlopende stedelijke omgevingen.


Het Goffertpark ligt in een gemiddelde Nijmeegse stadswijk. Het Haagse Wijkpark Transvaal ligt in een van de veertig aandachtswijken van minister Vogelaar. Park Leidsche Rijn daarentegen is in ontwikkeling in de jongste uitbreidingslocatie van Utrecht, de Vinexwijk Leidsche Rijn gelegen. Drie parken, drie gebruikers die nauw bij ‘hun’ park betrokken zijn.

Stadsparken door de eeuwen heen

De eerste grote stadsparken ontstonden in de loop van de 19e eeuw in de grote Europese industriesteden: Londen, Manchester, Liverpool, Berlijn en Parijs. In Nederland werden in eerste instantie vooral voormalige vestingwallen omgevormd tot groene wandelprome nades. Een bekend voorbeeld zijn de Utrechtse Singels die eind 19e eeuw naar ontwerp van de beroemde tuinarchitect Zocher zijn aangelegd. Het Maaspark (1853) in Rotterdam en het Vondelpark (1865) in Amsterdam waren de eerste volwaardige Nederlandse stadsparken.

Die 19e eeuwse parken dienden vooral ter verfraaiing van de uitdijende, dichtbevolkte steden. De parkaanleg ging bijna altijd samen met de bouw van prominente herenhuizen. Vanaf de vroege 20e eeuw werd ook het belang van stedelijk groen voor hetwelzijn van de stadsbewoners erkend.

Groen bracht rust en ontspanning en werd later ook ontdekt als een plek om te recreëren. Uit die tijd stammen de eerste Nederlandse volksparken, niet voor de elite maar voor de gewone man. Het Zuider park in Den Haag, het Kralingse Bos in Rotterdam en het Amsterdamse Bos zijn bekende voorbeelden. Behalve groen was er ook ruimte voor recreatieve voorzieningen als tennisbanen en voetbalvelden.

Na 1945 kwam de parkaanleg enigszins tot stilstand. Groen werd nu een integraal onderdeel van de stadsuitbreiding. De stempel- en stroken bouw liet veel ruimte voor groen en ook tussen de wijken kwamen uitgebreide groenzones. Deze opvatting hield stand totdat het idee van de compacte stad haar intrede deed. Nieuwe parken worden nu vooral aangelegd in uitbreidings locaties zoals het Leidsche Rijn Park in Utrecht. Steeds vaker krijgen ze een duidelijk thema of een duide lijke recreatieve functie mee. Ook de natuurfunctie als ecologische verbindings zone naar het buitengebied, wordt steeds belangrijker.

Parken in Nederland: Goffertpark

Een volkspark dat zijn naam nog steeds eer aandoet

Nijmegenaar André Doets heeft een speciale band met het Goffertpark. Hij woont er al vijftien jaar vlakbij en is er met de twee honden uit het gezin vrijwel dagelijks te vinden. De grootvader van zijn vrouw was één van de arbeiders die het park tijdens de werkverschaffing in de jaren dertig hebben aangelegd.
Websites bouwen is zijn hobby en dus maakte André in 2000 zijn eerste website over het Goffertpark. De site met uitgebreide informatie over het park, een forum en een gastenboek is nog steeds online. ‘Als het om het park gaat, weten ze me te vinden.’

Andre Doets : ‘Het mooiste plekje van Nijmegen'

Staand aan de bosrand wijst André Doets naar een historische witte boerderij. ‘Die boer woont op het mooiste plekje van Nijmegen.’ Zelf woont André ook niet verkeerd, op een steenworp afstand van het 85 hectare grote park. En net als veel buurtbewoners is hij er vrijwel dagelijks te vinden. ‘De Goffert’ is ooit aangelegd als volkspark en doet die naam nog steeds eer aan. Mensen van alle leeftijden en uit alle lagen van de bevolking ontspannen zich in het Goffertpark.

Ze komen om te wandelen, te joggen of te skaten, te picknicken of om zomaar op een bankje aan een van vijvers te zitten. Ze gaan met hun kinderen naar de kinderboerderij of naar een voorstelling in het openluchttheater. Sommigen gaan als supporter naar een voetbalwedstrijd in het NEC-stadion of laten trouwfoto’s maken in het rosarium.

Werkverschaffing

Wie wandelt door het idyllische park in Engel se Landschapstijl, naar een ontwerp van plantagemeester J.H. Schmidt en technisch ambtenaar D. Monshouwer, kan zich moeilijk voorstellen hoeveel bloed, zweet en tranen de aanleg heeft gekost.

Het was burgemeester Steinweg die destijds het plan opvatte voor de aanleg van een volkspark op een stuwwalhelling die toen nog aan de rand van de stad lag. Steinweg wist voor zijn project geld van het Rijk los te krijgen in het kader van de werkverschaffing in de crisisjaren.

Dat beteken de dat er geen graafmachines gebruikt mochten worden. Alles moest met de hand gebeuren, van het opwerpen van heuvels tot het graven van de beruchte ‘bloedkuul’ voor de aanleg van het NEC-stadion. Vier en een half jaar lang werkten wekelijks 163 man hard voor een karig loon. In de zomer van 1939 werd het stadspark ‘De Goffert’ officieel geopend door Prins Bernhard.

Kinderboerderij

Teruglopend door het bos, kom je op de grote speelweide, waar regelmatig popconcerten worden gegeven. Tina Turner, The Rolling Stones en Guns ’n Roses zijn een paar grootheden die het Goffertpark hebben aangedaan. Aan de andere kant van de speelweide ligt de kinderboerderij, die wordt beheerd door stichting De Driestroom, een instelling voor verstandelijk gehandicapten.

Cliënten van De Driestroom verzorgen de dieren en maken hokken en stallen schoon. De vrouw van André Doets werkt hier als begeleider. Bij de ingang van de boerderij staat een bord met de tekst ‘Steun de actie kinderboerderij’. ‘De Driestroom werft gelden om de accommodatie voor de cliënten te verbeteren’, verklaart André Doets.

Den Goffert

De terugweg voert langs de natuurtuin en het plein met de skeelerbaan en de halfpipe. Het is in 2000 aangelegd als onderdeel van een grote opknapbeurt. ‘Het is jammer dat het onderhoud aan het park de laatste tijd te wensen overlaat’, vindt André. ‘Het toenemende vandalisme is eveneens een probleem.’ We verlaten het park langs de Goffertboerderij, nu een restaurant. In de 18e eeuw stond hier al een boerenhoeve, die was vernoemd naar de toenmalige bewoner. Omdat die man nogal fors was, werd hij door de mensen uit de buurt ‘den Goffert’ genoemd. Zijn naam leeft voort in de naam van het Goffertpark.


Goffertpark volgens: ...Riet Heemskerk en Diny Bakx

 

‘Wij zijn buren en houden allebei van wandelen. Nordic walking is goed voor je houding en je beweegt ook je armen. We hebben wel eerst een cursus gedaan. Zo’n mooi park in de buurt is ideaal. We lopen zo een rondje van een uur of anderhalf. Het Goffertpark is altijd lekker levendig, vooral op mooie zomeravonden. Mijn kleinzoon komt hier ook vaak om te voetballen en te vliegeren.’


...Rhamsey Kuiper

Ik reis het hele land door met mijn skateboard. Hier kom ik af en toe omdat ik in de buurt woon. De maten van deze half pipe kloppen niet en dat geldt ook voor de skeelerbaan. Doodzonde. De gemeente had onze mening moeten vragen. De Goffert is cool. Ik ga vaak naar concerten, zoals laatst The Red Hot Chilipeppers. En dat het park tijdens de werkverschaffing in de crisisjaren is aangelegd, is ook wel apart.’


...Lenette ter Bogt met Maarten en Luca van Brakel

‘Als kind woonde ik hier vlakbij en was ik dagelijks in het park te vinden. Nu woon ik in heel ander deel van Nijmegen. Maar het Goffertpark blijft trekken en nu kom ik hier voor de tweede keer met mijn kleinzoon. Lekker een frisse neus halen en naar de dieren kijken. Ik vind het leuk dat het hier altijd zo gezellig druk is.’


...Netty Klappe met Silke

‘Het park op loopafstand geeft een meerwaarde aan het wonen hier. Ik heb drie kinderen van 10, 9 en 8. Die komen hier graag skeeleren. Vroeger gingen we vaak picknicken met het hele gezin. En in de winter als er sneeuw ligt, natuurlijk sleetje rijden. Het park is dan zo mooi. Mijn favoriete stuk is het laantje bij de boerderij. Echt een landelijk stukje, zo midden in de stad.’




Parken in Nederland: Leidsche Rijn Park

Een jong park met een rijke historie


Zorg en trots. Dat zijn de kernbegrippen bij de aanleg van het Leidsche Rijn Park in Utrecht. ‘Mensen moeten het gevoel hebben dat het park van hen is’, zegt Johan de Boer. Hij is voorzitter van de stichting Vrienden van het Leidsche Rijn Park, een groep bewoners die actief betrokken is bij de totstandkoming van dit 300 hectare grote landschapspark dat de gemeente Utrecht aanlegt in de Vinexwijk Leidsche Rijn.

Johan de Boer: ‘Een jong park met een rijke historie'

Met trots toont Johan een deel van het Lint dat net is opgeleverd. Dit negen kilometer lange asfaltpad voor wandelaars, fietsers en skeeleraars omringt straks het hele park. Daarbinnen groeit een landschapspark van 300 hectare, zo groot als de binnenstad van Utrecht. Het ontwerp voor het park is van Adriaan Geuze van West 8 Landschapsarchitecten.

Het Lint is niet zomaar een strook asfalt. De spiegelgladde zwarte bitumenlaag wordt aan beide kanten afgebiesd met een witte betonnen band met bloemmotief. Eenzelfde wit bloemmotief scheidt de twee asfaltbanen van elkaar.

Respect voor historie

Het Lint is een van de vier kernwaarden van het park. Andere delen zijn de Binnenhof, de Muur die dit centrale deel van het park gaat omzomen en de Vikingrijn. Dit is een waterloop van vier kilometer in de bedding die de Oude Rijn 3.000 jaar geleden volgde. Dan is er nog het natuurgebied de Buitenhof dat oorspron kelijk niet in het plan zat. Ook vier gloednieuwe sportcomplexen vonden een plek in het park. Behalve aandacht voor het nieuwe, is respect voor de historie van dit landelijke gebied een belangrijk uitgangspunt voor het ontwerp. Oude kavelverdelingen, sloten en wegen blijven gehandhaafd, net als bestaande huizen en boerderijen. De uit geldnood geplande extra woningbouw in het park is, mede dankzij de inspanningen van de Vrien den van het Leidsche Rijn Park, wel van de baan.

Rijke grond

Het natuurgebied de Buitenhof is al aangelegd, maar zal zich onder auspiciën van Landschapsbeheer Vleuten De Meern verder ontwikkelen. De aanleg van de tweede fase van de Binnenhof is net gestart. Een houtsnipperpad voert door het deel van de Binnenhof dat al is gerealiseerd, langs sloten met waterlelies en bloemrijke oevers. Eiken- en beukenbomen en taxodeum, een naaldboom die goed gedijt in moerassige gebieden, zijn al een flink eind uit de grond geschoten. ‘Omdat de grond jarenlang is gebruikt voor glastuinbouw is de bodem heel rijk. Alles groeit twee keer zo snel’, zegt Johan. Hij wijst op een poel met oude fruitbomen op de oever. ‘In het oorspronkelijke plan van Adriaan Geuze zou deze poel verdwijnen.

Maar hij legt zijn plannen altijd eerst voor aan een klankbordgroep van bewoners. Een van hen wist te vertellen dat de kinderen uit Vleuten hier vroeger leerden zwemmen. Toen de pastoor zag dat jongens en meisjes samen zwommen, heeft hij zelfs een zwemrooster opgesteld. Wij maken dankbaar gebruik van de kennis onder de mensen. Zo krijgen ze ook echt het gevoel dat het park van hen is.’

Leidsche Rijn is een gebied met een rijke historie. De bodem herbergt vele schatten uit onder meer de Romeinse Tijd en er is zelfs een compleet Vikingschip opgegraven. ‘We willen die historie graag onder de aandacht brengen van de nieuwe inwoners’, zegt Johan de Boer. ‘Dat is ook de gedachte achter de Vikingrijn, die deels wordt uitgegraven en deels bestaat uit oude waterlopen, zoals de Alendorper Wetering.’

Het gloednieuwe trekpontje is helaas even buiten gebruik, dus voert de terugweg weer door het natuurgebied. Via een bruggetje komen we op de Alendorperweg. Johan wijst over de weilanden die straks ook onderdeel uitmaken van de Binnenhof. ‘Als ik me niet vergis, zijn daar archeologen aan het werk.

Leidse Rijn park volgens: ...De heer Weergang en de heer Brakband

 

‘We gaan lekker een eindje fietsen. Het Lint sluit mooi aan op andere fietspaden door de omgeving. In vergelijking met vroeger is het landschap er eigenlijk op vooruit gegaan. En het wordt alleen maar mooier. Ik kan het weten, want ik woon hier al veertig jaar. We zagen wel op tegen de bouw van Leidsche Rijn. We waren vooral bang voor geluidsoverlast en meer verkeer, maar dat is heel erg meegevallen.


...Henry Ransdorp

 

‘Ik kom elke dag in de Binnenhof. Het is een uniek plekje. Ik heb het letterlijk zien groeien. Aan de kleuren van de bloemen kun je de seizoenen aflezen. Zes jaar geleden ben ik uit de binnenstad naar Leidsche Rijn verhuisd. Ik heb de stad geen moment gemist. Heerlijk die vrijheid en dat buitengevoel. Dat kun je hier


...De heer en mevrouw Heinen en mevrouw Carbo

 

‘We wonen vlakbij de Binnenhof. Je wordt er stil van hoe mooi de natuur wordt als je hem zijn gang laat gaan. En het is elk jaar getijde anders, dus het verveelt nooit. Het park wordt heel mooi. We hebben net het Lint gefietst. Fantastisch! Al missen we nu nog de aansluiting tussen de verschillende onderdelen van het park. Maar die gaat er ongetwijfeld nog komen.’


...Es van Ginkel

‘Ik heb hier in de wijk mijn eigen architectenbureau. Zodoende ben ik zijdelings betrokken bij de inrichting van het park. Ik heb het ontwerp gemaakt voor het onder komen voor natuur- en milieu educatie dat bij de Buitenhof komt. Het park wordt spraakmakend. Ik heb er hoge verwachtingen van. Ik hoop alleen niet dat er ooit een dag komt dat ik mijn honden hier niet meer los kan laten.




Parken in Nederland: Wijkpark Transvaal

Een kleine groene oase in het drukke stadsgewoel


Het leven van Joke van den Boomen is nauw verbonden met het Wijkpark Transvaal. Eigenlijk was de aanleg ervan de oorzaak dat zij nu bekend staat als het boegbeeld van deze Haagse aandachts wijk, die een ingrijpende vernieuwing ondergaat. Ze is actief in de beheer commissie en het Bewonersoverleg Transvaal (BOT) en stond aan de wieg van de speluitleen Stichting Haagse Hopjes Transvaal die een vestiging in het Wijkpark heeft. ‘Ze noemen me wel de Koningin van Transvaal, maar wie dat ooit bedacht heeft…’

Joke van den Boomen: ‘Je hebt echt invloed als bewoner'

Het balkon van Joke van den Boomen biedt een prachtig uitzicht over het Wijkpark Transvaal: een kleine groene oase in het drukke stads- gewoel. De bewoners van de gelijknamige Haagse vernieuwingswijk, die voor driekwart bestaan uit allochtonen, maken er dankbaar gebruik van.

Ze zitten op bankjes te praten terwijl hun

kinderen spelen in de speeltuin of voeren de geiten en konijnen in de stadsboer- derij ‘De woelige stal’.

Veel kinderen zijn lid van de speluitleen Haagse Hopjes. Jongens en mannen komen voetballen of cricketen in de sport- en spelruimte. Hier vieren ze ook hun feesten, zoals de jaarlijkse Holiviering, waar Hindoestanen uit heel Nederland op afkomen. Maar ook het oer-Hollandse Sinterklaasfeest van de Stichting Haagse Hopjes is een jaarlijks terugkerend hoogtepunt.

Joke is blij met het park en met haar ruime nieuwbouwappartement, waar ze nu zes jaar woont. Dat was wel anders toen de geboren en getogen Transvaalse in 1982 te horen kreeg dat haar woning zou worden gesloopt omdat de gemeente een wijkpark wilde aanleggen. Ruim 650 woningen en veel winkels en kleine bedrijfjes moesten hiervoor wijken.

Twee fasen

Joke werd lid van de bewonersorganisatie en richtte met bewoners en ondernemers een actiegroep op tegen de sloop. Maar hun protest kwam te laat. Wel werd er een conve- nant gesloten. Hierin werd vastgelegd dat de aanleg in twee fasen zou plaatsvinden. Joke nam vervolgens als enige bewoner zitting in het ontwerpteam.

‘Je hebt echt invloed als bewoner’, zegt ze terugkijkend. ‘De gefaseerde aanleg maakte het mogelijk om fouten uit de eerste fase te herstellen. Zo vind je hier bijvoor- beeld geen bosjes of rozenperken, om verloede- ring en criminaliteit te voorkomen. Met de landschapsarchitect van de tweede fase, Egbert Schuttert, kon ik uitstekend door één deur.’

De eerste fase van 1 hectare was gereed in 1991. Zomer 2005 was de feestelijke opening van het geheel vernieuwde wijkpark. Door de vernieuwing was een park ontstaan van in totaal 3 hectare, geflankeerd door nieuwbouw van deels koop- en duurdere huurwoningen.

Parkbeheerders

Joke is vrijwel dagelijks in het Wijkpark te vinden. Als lid van de beheercommissie heeft ze er mede voor gezorgd dat zes parkbeheer ders dagelijks in wisseldiensten het parkschoonhouden en erop toezien dat mensen zich netjes gedragen.

De buurtbeheerders werken vanuit het beheergebouwtje in het midden van het park. Het paviljoen is een ontwerp van het Haagse architectenbureau Van Mourik Vermeulen Architecten en medegefinancierd door de projectontwikkelaar die ook twee woontorens ontwikkelde aan de rand van het park.

Het vormt tevens één van de zes onderkomens van de Stichting Haagse Hopjes. De speluitleen is een uitkomst voor de kinderen uit Transvaal, die thuis vaak weinig speelgoed en speelgele- gen heid hebben.

‘Het heeft een positieve invloed op hun gedrag’, vervolgt Joke. ‘Ze halen minder rottigheid uit, omdat ze zich niet meer zo vervelen en de kinderen gaan beter met elkaar om.’ Ze kijkt op haar horloge. Over een half uur komen de kinderen uit school. Tijd om de speluitleen in het Wijkpark te openen.


Wijkpark Transvaal volgens: ...Ansje Feller met Daniëlle

‘Ik vind het hier heerlijk. Vooral in de zomer, dan doet het me een beetje aan mijn geboorte stad Paramaribo denken. Met mijn dochtertje ga ik vaak naar de stadsboerderij. Zo leert ze de dieren kennen. Eigenlijk is het gewoon een uitje. Je komt andere mensen tegen en vergeet even je dagelijkse beslom meringen. Vaak combineer ik een bezoekje aan het wijkpark met een bezoek aan de Haagse Mart, want die ligt hier vlakbij.’


...Jeanette ’s Gravemade en Mariska Leebeek

‘Ik kom hier vaak met mijn kleinkinderen, maar ook alleen, als het mooi weer is. Lekker op een bankje zitten en een beetje kletsen. Mensen vinden het vaak moeilijk om contact te leggen met buitenlanders. Maar je moet gewoon zelf belangstelling tonen. Ik heb heel goed contact met mijn Marokkaanse buren. Zelf hoef ik gelukkig mijn huis niet uit, maar de vernieuwing houdt de mensen hier erg bezig.’


...Hassin Lamari met Celine

‘Met mijn dochter kom ik hier drie à vier keer in de week. Lekker spelen in de speeltuin en de geiten en konijnen voeren in de kinderboer derij. Zo komt ze toch in aanraking met dieren, ook al wonen we midden in de stad. Celine is ook lid van Haagse Hopjes. Geweldig, zo’n speelgelegenheid voor de kinderen uit de wijk. Het is alleen jammer dat er hier in het park best veel vernield wordt.’


...De heer en mevrouw Slijngaard met Dominique

‘We passen twee keer in de week op onze kleindochter. Als het mooi weer is gaan we altijd met haar naar de speeltuin. We zijn blij dat er een Wijkpark is, want ons prinsesje kan hier lekker spelen. We zijn nu op weg naar de woningcorporatie, want onze woning wordt gesloopt voor de vernieuwing. We hopen dat we in Transvaal kunnen blijven want we wonen hier al jaren.

Thema: Groen
Uit NAW #27 - winter 2007 - pagina 40-47
Auteur Hanneke Luitwieler
Beeld Peter van Breukelen en Don Wijns