‘Niemand woont hier straks anoniem. Zo zegt men bijvoorbeeld: ‘Ik woon in dat witte huis op het plein met de grote poort.’ Alle woningen zijn benoembaar en hebben dus een eigen identiteit.’ Kok Mulleners, architect en stedenbouwkundige heeft het plan De Woerd ontworpen. Een deelplan van 500 woningen op de Vinexlocatie Leidsche Rijn. Een tuinstad die qua vorm en architectuur bijna naadloos aansluit op de bestaande dorpskern van De Meern. Hier geen modernisme. Mulleners zucht: ‘Daar zijn we al tachtig jaar mee aan het klooien. Traditionalisme heeft de toekomst.’

Het is stil op de Zandweg in De Meern. Hier staan wat villa’s op een rij. In alle rust te wachten op de dingen die komen gaan. In de verte zijn de contouren van Langerak zichtbaar, de eerste wijk die op Leidsche Rijn is gerealiseerd. Een grondverzetmachine is bezig met het leggen van de laatste hand aan het bouwrijp maken voor weer een nieuw deelplan van de grootste bouwlocatie van Nederland. Dit is de plek waar begin deze zomer de eerste paal de grond in gaat voor Woonpark De Woerd.
‘Duidelijk is dat we hier niet met een doorsnee nieuwbouw- locatie te maken hebben’
De maquette van De Woerd bij Architectenbureau Mulleners+Mulleners in Amsterdam maakt indruk. Het plan mag dan op detailniveau inmiddels wel wat zijn aangepast, duidelijk is te zien dat we hier niet met een doorsnee nieuwbouwlocatie te maken hebben.
En hoewel Kok Mulleners het niet met zoveel woorden zegt, straalt hij wel uit dat men voor een rechttoe rechtaan wijk ook niet bij hem moet zijn. ‘Ik ben zeer ontevreden over de gemiddelde Nederlandse uitbreidingswijken. Ze zijn fantasieloos en stralen erg weinig uit.’
Hij raakte enkele jaren geleden bij de ontwikkeling van De Woerd betrokken. Zijn bureau was door de gemeente Vleuten De Meern en Bouwfonds Fortis gevraagd mee te doen aan een competitie voor dit uitbreidingsplan.
‘Wij zijn toen in dat eerste ontwerp al heel erg op het spoor gaan zitten van een uitbreiding van het bestaande. De dorpse sfeer van De Meern en de tuinderwoningen hebben wij heel bewust in onze ontwerpen gebracht. Niet om te kopiëren, wat vaak wordt gedacht, maar omdat het sterke punten zijn. Tuinsteden van Berlage en Dudok vormden voor ons een belangrijke inspiratiebron. Het is een herinterpretatie van traditionele waarde.’
Eigen identiteit
Mulleners+Mulleners won de competitie met afstand op de concurrentie. Maar omdat Vleuten de Meern inmiddels in een annexatie-gevecht was geraakt met buurgemeente Utrecht werd de uitvoering voorlopig op een laag pitje gezet. Het vuur laaide weer op toen de tuindergemeente in handen van de Domstad was gevallen.
Het architectenbureau kreeg vervolgens in 2003 de opdracht het stedenbouwkundig plan op te stellen. Kern daarvan: intieme woonstraatjes met afwisselende straatprofielen, ingesloten pleinen met verschillende functies, individueel herkenbare woningen en binnenstraten zonder parkeren. In het stedenbouwkundig programma van eisen mooi omschreven als: ‘Een buurt om van te houden, met een eigen identiteit, die zich onder-scheidt van andere nieuwbouwlocaties.’
‘Juist het ontbreken van lange rechte stukken, die slingerende weggetjes en die aantrekkelijke pleinen spreken mij erg aan’, zegt Tjakko Smit, ontwikkelingsmanager van Bouwfonds MAB samen met MBB ontwikkelaar van De Woerd. ‘Het stedenbouwkundig plan was dusdanig sterk, dat we vervolgens hebben besloten om Mulleners+Mulleners te vragen de woningen te ontwerpen. Dit omdat we vonden dat de woningen weliswaar allemaal anders worden uitgevoerd, maar dat er als het ware toch één handtekening op moet staan.’
Een logische keuze vindt de architect zelf. ‘Je ziet vaker dat verschillende architecten aan het werk worden gezet. En om ze allemaal in het gareel te houden wordt er vervolgens een supervisor aangetrokken die de stedenbouwkundige uitgangspunten moet bewaren. Dat is in dit geval niet nodig omdat de diversiteit in het concept zélf zit.’
‘Vijfentachtig procent van de Nederlandse bevolking kiest voor een traditionele woning’
Mode
Aansprekende en vooral herkenbare architectuur. Door critici nog al eens smalend feel good architectuur genoemd. Oftewel, lekker makkelijk en scoort altijd. Kok Mulleners kan zich er kapot aan ergeren. ‘Ik heb ook het gevoel dat ik het bij vakgenoten altijd moet verdedigen. Bij de consument ligt dat totaal anders. Het geeft mij voldoening dat de belangstelling voor deze woningen groot is.
Uit onderzoeken blijkt dat vijfentachtig procent van de Nederlandse bevolking voor een traditionele woning kiest. Vijftien procent heeft de voorkeur voor een huis van moderne architectuur. En ik durf te wedden’, voegt hij er lachend aan toe, ‘dat van die vijftien procent nog de helft architect is ook.’
Peter Vermeulen (Van Mourik Vermeulen architecten) stond als voorzitter van de Welstandscommissie in Utrecht naar zijn zeggen niet direct op de banken van enthousiasme, toen zijn commissie het stedenbouwkundige plan en de uitwerkingen onder ogen kreeg.
‘Historiserend bouwen is namelijk momenteel een mode.
Net zoals het bouwen met terra-kleurige baksteen of het verwerken van verweerd hout nog niet zo lang geleden in de mode was. De truttigheid in de jaren zeventig was ook echt zo’n modeverschijnsel. Het risico daarvan is’, zo verduidelijkt Vermeulen, ‘dat je meelopers krijgt die een zekere oppervlakkigheid in hun ontwerpen hebben. Dit onder het motto het lijkt historiserend dus we vinden het wel mooi.’
Volgens de voorzitter van de Welstandscommissie was die wellicht wat argwanende houding snel verdwenen. ‘De Woerd is zorgvuldig ontworpen. Er wordt in materiaalgebruik en detaillering niet overdreven en alles wordt consequent toegepast.’ In de ogen van Vermeulen is dat met name voor de houdbaarheidsdatum van de wijk van essentieel belang.
‘Ook deze mode trekt voorbij. En dan zul je zien dat de ontwerpen van, wat ik maar even noem, de meelopers door de mand zullen vallen. De sterke uitvoeringen blijven overeind. Zelfs de jaren zeventig tuttigheid heeft ontwerpen voortgebracht die we graag voor de toekomst willen behouden.’
Kok Mulleners kan zich daar wel in vinden. ‘Het moet inderdaad wel kloppen. De woningen moeten een gemeenschappelijke eenheid met elkaar vormen. Dat is natuurlijk ook de valkuil bij dit soort projecten, dat men wel kijkt naar werk van Dudok en Oud maar slechts met een half oog en niet de essentie weten te raken. Dan blijft het een diversiteit aan verschijningsvormen en ontbreekt er een logische eenheid.’
Menselijke maat
Gevoel, eenheid en de menselijke maat. Dat is waar Mulleners op doelt. Zo krijgt De Woerd diverse pleinen. In de visie van Kok Mulleners zijn dit immers ook dé ontmoetingsplekken voor een dorp. ‘Ieder gehucht heeft wel een plein.
Het moet wel een menselijke maat hebben. Je ziet gigantische pleinen in nieuwbouwwijken waar niemand zich prettig voelt, dat werkt dus niet. Ik wil intieme pleinen. Herkenbaar met groen, een speelplein voor kinderen, een plein om samen activiteiten te organiseren. En als je op zo’n plein staat, kijken er altijd wel een paar woningen je aan.’
Verder moeten de auto’s uit het straatbeeld. ‘Parkeren achter de woning op eigen binnenterreinen die bijvoorbeeld via afsluitbare poorten bereikbaar zijn. Het voordeel hiervan is’, benadrukt Mulleners, ‘dat de straten aan de voorkant van de woningen een smaller profiel krijgen waardoor zij veel intiemer ogen.’
Ook groen speelt een belangrijke rol. Maar in dit geval zegt Mulleners te waken voor overdaad. ‘Niet teveel openbaar groen. Natuurlijk wel op de pleinen, en wat speelgroen voor de kinderen, maar verder moet het groen vooral komen van de tuinen van de woningen die aan de voorzijde liggen.’
Overigens wordt De Woerd nog doorsneden door het J.P. Thijsselint. Dit is een brede groen- en natuurstrook die zich een weg baant over de gehele Vinex-locatie, en uiteindelijk contact maakt met de Leidsche Rijn, het water waar ooit de Romeinen het gebied in zijn komen varen.
Hartstikke gek
Vijfhonderd woningen, variërend van vrijstaand, twee-onder-eenkap, woningen in een rij tot appartement. ‘Deze laatste niet in een apart gebouw dat ergens in een uithoek van de wijk staat weg te waaien, maar opgenomen in de wijk. De appartementen gesitueerd op diverse hoeken van de woonblokken maken onderdeel
uit van de buurt.’
Ook qua prijsstelling is er een grote mate van variëteit. Smit: ‘De woningen variëren in prijs van 170.000 euro tot pakweg 500.000 euro. En in principe staan al die woningen door elkaar heen.’
Smit zal de laatste zijn om te zeggen dat dit een gemakkelijk uitvoerbaar plan is.
‘Er is geen huis hetzelfde. Het zal dus ook duidelijk zijn dat we hiermee niet het snelle geld verdienen. We streven een hoge kwaliteit na. Zowel als het gaat om de woningen als om de inrichting van de openbare ruimte.’
Mulleners: ‘We hebben het over 500 individuele woningen die qua kleur of materiaal van elkaar afwijken. Ik heb vijf verschillende soorten kozijnen in mijn ontwerpen. De aannemer wordt er hartstikke gek van. We werken in De Woerd ook niet met types maar met huisnummers.’
Een leuk verhaal vindt de architect zijn grote wens om vooral ook een notariswoning in het plan op te nemen. ‘En deze woning is nu dus ook door een echte notaris gekocht. Ik probeer mij zoveel mogelijk in te leven in een mogelijke doelgroep. Waar willen senioren graag wonen? Niet in een appartement ergens in uithoek weggestopt maar bij de levendigheid, met uitzicht over een plein.’
Volgens Smit is er geen echt aanwijsbare doelgroep voor De Woerd. ‘Wel zien we veel belangstelling vanuit De Meern zelf. Zij hebben dan ook het gevoel dat ze niet naar de nieuwbouw gaan maar juist in het dorp blijven wonen.’
Gemeente Utrecht houdt regie
Woonpark De Woerd wordt turn key gerealiseerd. Met andere woorden, de woningen, de wegen, inrichting van de openbare ruimte en het groen worden allemaal door de combinatie Bouwfonds-Fortis en MBB gerealiseerd. Volgens ontwikkelingsmanager Tjakko Smit een goed voorbeeld van gebiedsontwikkeling, waarbij overigens de gemeente wel de regie houdt.
Het complete gebied, waar het nieuwe woonpark gaat verrijzen, is door de marktcombinatie verworven. Het stedenbouwkundige plan is vervolgens in gezamenlijke opdracht met de gemeente Utrecht opgesteld maar het overleg hierover met omwonenden is weer alleen door de marktpartijen gevoerd. ‘Feitelijk’, zo legt Tjakko Smit uit, ‘realiseren wij de totale wijk en dragen die straks met een complete openbare ruimte over aan de gemeente Utrecht.’
|
Thema: Vinex, uitleglocaties, Ontwerp
Uit NAW #17 - zomer 2005 - pagina 8-11
Auteur Hans Ouwerkerk
Beeld Martin van Welzen en Anton van Daal
